Monitor Internet en Jongeren
/ Werkterreinen / Internet / ProjectenEnige resultaten vanuit het Monitor onderzoek
- Factsheet: Het (mobiele) gebruik van sociale media en games door jongeren (2013)
- Factsheet Nederlandse Jongeren op Internet: applicaties, (overmatig) gebruik en de relatie met middelengebruik (2011)
- Proefschrift Online Video Game Addiction (2011)
- Factsheet Wat doen jongeren op internet? (2009)
- Factsheet Videogames en Nederlandse jongeren (2008)
- Factsheet Ontwikkelingen in internetgebruik van Nederlandse Jongeren (2008)
- Rapportage Internet en Jongeren (en gamen) (2006 & 2007)
- Factsheet Compulsief Internetten (2006)
- Factsheet Pesten op Internetier (2006)
Financiers vijfde (2010) en zesde (2011) meting
ZonMw, Stichting Volksbond Rotterdam, Stichting Kennisnet
Vraag- en doelstelling
IVO is in 2006 gestart met een grootschalig landelijk, longitudinaal onderzoek naar het internetgebruik jongeren van 11 tot 16 jaar. Sindsdien is het onderzoek in 2007, 2008, 2009, en 2010 herhaald. Ondertussen wordt de zesde meting (2011) uitgevoerd.
Het doel van dit onderzoek is om ‘een vinger aan de pols te houden’ en ontwikkelingen en trends in het internetgebruik van kinderen en jongeren, en in de mogelijke gevolgen daarvan, tijdig te registreren en wereldkundig te maken. Belangrijke thema’s in dit onderzoek zijn: internetgebruik voor schooldoeleinden, compulsief internetgebruik waaronder gamen (ook wel ‘gameverslaving’ genoemd), online pesten en internetgerelateerde opvoeding door ouders.
Bij elke meting staan bepaalde thema’s centraal: in de eerste meting werd de nadruk gelegd op Cyberpesten en Compulsief (d.w.z. dwangmatig) internetten onder jongeren, terwijl de tweede meting zich vooral richtte op de rol van de ouders bij het ontstaan of het voorkómen van internetgerelateerde problemen bij hun kinderen. In de derde en vierde meting van de Monitor Internet en Jongeren stond het thema “Online Gamen” centraal, vanwege de explosieve ontwikkeling rondom deze zogenaamde virtuele werelden waarin online games met anderen worden gespeeld. In de vijfde en zesde meting blijft deze aandacht voor gamen, maar is er ook aandacht voor nieuwe ontwikkelingen op internetgebied - zoals Twitter, draadloze toegang, en internet op de mobiele telefoon.
Onderzoekers
Tony van Rooij en Tim Schoenmakers
